Prostaatoperatie met DaVinci-robot: voor, tijdens en na

Een prostaatoperatie met de DaVinci-robot wordt alleen uitgevoerd als het gezwel zich uitsluitend in de prostaat bevindt. In overleg met de arts wordt besloten of je in aanmerking komt voor prostaatverwijdering met de DaVinci-robot. Hoe de voorbereiding, behandeling en het herstel verloopt, lees je hieronder.

Voor de operatie

Voor de operatie heb je een afspraak met de oncologieverpleegkundige. Zij licht je voor over de prostaatoperatie met de DaVinci-robot en neemt je medische geschiedenis en medicijngebruik met je door. Met sommige medicijnen, zoals bloedverdunners, moet je stoppen op de dag van de operatie. Ook word je door de anesthesioloog voorgelicht over de manier waarop je wordt verdoofd. Soms word je uitgebreider onderzocht, door middel van bloedonderzoek, een hartfilmpje of een röntgenfoto.

Het advies is om voorafgaand aan de operatie je bekkenbodemspieren te trainen. Dit kan bij een gespecialiseerd bekkenbodemtherapeut bij je in de buurt. Daarnaast begin je drie dagen voor de operatie met laxeren. Dit betekent het soepel houden van de ontlasting. Na de operatie is het namelijk belangrijk dat je niet hard hoeft te persen bij de ontlasting.

Op de dag van de operatie is het belangrijk dat je nuchter bent en dat je de adviezen van de artsen opvolgt. Nuchter zijn betekent dat je een aantal uren voor de operatie niet mag eten en drinken.

Tijdens de operatie

In de operatiekamer word je algeheel verdoofd. Vervolgens begint de uroloog met de DaVinci-robot aan de prostaatoperatie. Als eerste maakt hij de prostaat met behulp van de robotarmen los van de bekkenbodem en hecht hij een grote ader die over de prostaat loopt. 

Vervolgens maakt hij de prostaat en zaadblaasjes los van de blaas en endeldarm. De bloedvaten naar de prostaat klemt hij af met plastic clips. Nadat de uroloog de zenuwbundels losmaakt van de prostaat, haalt hij de prostaat en zaadblaasjes uit het lichaam. Soms verwijdert hij ook lymfeklieren rondom de prostaat. Vervolgens hecht de uroloog de plasbuis aan de urinebuis. Zo ontstaat een nieuwe aansluiting tussen de blaas en plasbuis, waardoor je normaal kunt blijven plassen. 

Ook brengt de uroloog een blaaskatheter in, die nog één tot twee weken blijft zitten. Dit zorgt ervoor dat de nieuwe verbinding tussen de blaas en urinebuis zo veel mogelijk ontlast blijft en goed kan genezen. Tot slot sluit de uroloog de wondjes met kleine hechtingen.

Na de operatie

Na de operatie blijf je meestal nog één tot twee dagen in het ziekenhuis. Direct na de operatie heb je een infuus in je arm of hand om vocht toe te dienen. De verpleegkundige zal je bloeddruk, hartritme, wond en urineproductie controleren. Ook krijg je volgens een vast schema pijnstillers om de pijn te minderen en een injectie om ongewenste stolling van het bloed (trombose) te voorkomen.

Na de operatie kun je voorzichtig proberen op een stoel te zitten of zelfs een stukje te lopen. Ook mag je wanneer je trek hebt weer eten en drinken. Omdat je een katheter hebt, kun je niet zelf plassen. Wel komt het voor dat je aandrang voelt om te plassen, waardoor er wat urine langs de katheter kan lopen. Omdat de katheter gemiddeld één tot twee weken blijft zitten, geeft de verpleegkundige een startpakket met uitleg over de verzorging van de katheter.

Hoe verder op de langere termijn? Daarover meer op de pagina Leefregels en controles na DaVinci-prostaatoperatie.